De bestelling van het kabinetorgel

1 juli 2007 door Lodewijk Gerretsen (conservator)

Het Bätz-orgel van kasteel Amerongen kent een lange geschiedenis. Al in 1780 heeft Anna Elisabeth Christina van Tuyll van Serooskerken, Annebet genoemd, echtgenote van Frederik Christiaan Reinhard van Reede, aan de orgelbouwer Gidion Thomas Bätz de opdracht gegeven om een orgel te bouwen voor de Hal van kasteel Amerongen. Muziek hoorde immers tot het dagelijks leven van de gegoede kringen. En allerlei muziekinstrumenten hoorden daarom bij de inventaris van grachtenhuizen, buitenplaatsen, kastelen en paleizen.

Waarom stond het orgel er pas laat?
Kasteel Amerongen deed niet onder voor andere huizen van de adel.  En omdat een kabinetorgel nog ontbrak, was de bestelling van de gravin niet verwonderlijk. Wel verwonderlijk is het dat het tot 1813 duurde voor het orgel er werkelijk stond. Een instrument als dit, had toch best binnen twee jaar geleverd kunnen zijn? Zou de gravin de opdracht hebben ingetrokken? Of zag de orgelbouwer geen kans om aan zijn verplichtingen te voldoen? Hoe dan ook, pas in november 1813 kreeg kasteel Amerongen het orgel. Een kwitantie uit die tijd vermeldt de laatste termijnbetaling van 300 gulden. Volgens deskundigen zou het orgel in totaal 900 gulden hebben gekost, iets minder dan een klein kerkorgel in die tijd.

Psalmen en gezangen
Een orgel op kasteel Amerongen. Nu kon men psalmen zingen onder de begeleiding van orgelklanken. Want juist daarvoor diende het orgel in de ogen van de Nederlanders in de 18e eeuw. Opvallend is dat er zich in de hele uitgebreide muziekcollectie van Amerongen geen enkel echt orgelstuk bevindt, maar wel koraalboeken met psalmen, gezangen en hymnen. Dat bewijst dat Annebet het orgel vooral om de volgende reden aan haar collectie heeft toegevoegd: namelijk het zingen van psalmen en gezangen.

Na de dood van Annebet
Het is de vraag of er na de dood van Annebet in 1819 nog veel gebruik is gemaakt van het orgel. De na haar dood uitgegeven koraalboeken van bijvoorbeeld de Utrechtse Dom-organist Frederik Nieuwenhuijsen of van de Rotterdammer Bartholomeus Tours, werden nooit aangeschaft. Maar het is wel bekend dat graaf Godard John George Charles graaf van Aldenburg Bentinck (1857-1940) die het kasteel Amerongen tot 1940 in zijn bezit had, dagelijks een huisgodsdienst hield op de Bovengalerij. Daarin werden psalmen en gezangen op het orgel begeleid. De in de Muziekbibliotheek aanwezige koraalboeken van Johannes Worp, het standaardmateriaal van iedere organist tussen 1880 en 1940, bevestigen dit. Ze zijn beduimeld en dus intensief gebruikt!


Kabinetorgel
Het ís zoals het was. En dat ging niet vanzelf.