Een blijvend kenniscentrum
Eigentijdse visie op cultureel erfgoed
uit: Monumenten - hèt tijdschrift voor cultureel erfgoed - nr 1-2/2011
Bij de restauratie is bewust gekozen voor een open en eigentijdse visie, waarbij het delen van (opgedane) kennis en ervaring speerpunt is. door gebruik te maken van de dynamiek en de bundeling van de bij de restauratie betrokken deskundigheden - zowel nationaal als internationaal - wordt het landgoed een blijvend kenniscentrum. Een centrum waarvan de deuren openstaan voor iedereen die geïnteresseerd is.
Geschiedenis maakt ons tot wat we zijn. Door mensen een kijkje te geven in en actief te betrekken bij de toekomst van tastbare sporen van deze geschiedenis, zal het begrip voor de noodzaak tot behoud en de liefde ervoor groeien. Een simpele, haast logische filosofie. Voor Stichting Kasteel Amerongen een vanzelfsprekende filosofie die leidend is voor de restauratie en het toekomstig beheer. Zoals Jaap Hülsmann, directeur, verwoordt: 'Onze missie is het landgoed te laten voortleven door het passend te hergebruiken als kennis-en ontmoetingsplek geïnspireerd op de oorspronkelijke ontmoetingsfunctie. Het erfgoed wordt met maatschappelijk geld gerestaureerd en wordt dan ook teruggegeven aan de maatschappij'. De activiteiten richten zich op diverse doelgroepen. Zoals het bereiken van een zo groot mogelijk publiek door fysiek en virtueel bezoek te stimuleren. Het toekomstig hergebruik (exploitatie) door een combinatie van commerciële en hoogwaardige culturele programma's -een nieuw podium in de provincie Utrecht. En het delen van opgedane restauratiekennis en -ervaring met deskundigen. Openheid biedt kansen 'Door de open en publieksgerichte benadering maken we van de nood tot restauratie een maatschappelijke deugd. Voor iedereen staan de deuren open om te kijken hoe we deze toplocatie restaureren en in de toekomst zullen beheren. Zo wordt cultureel erfgoed het middelpunt van de maatschappij', aldus projectleider Frank Louhenapessy, adviseur historische tuinen. Het voortleven van het landgoed begon letterlijk bij de restauratie. Met maatschappelijke en sponsorgelden is het klaargemaakt voor haar nieuwe toekomst. Indirect is door de open aanpak ook het voortbestaan gestimuleerd; voortbestaan in de zin van maatschappelijk draagvlak. De openheid is divers ingevuld. Onder het motto 'wegens restauratie geopend' kon het publiek herstelwerkzaamheden aan gebouw en collectie volgen. In 4,5 jaar tijd kwamen meer dan 40.000 bezoekers een kijkje nemen. In overleg met lokale inwoners is gekomen tot een inrichtingsplan van het parkeerterrein op het oorspronkelijke voorhof. Aan subsidiënten en sponsors is getoond waar hun investering voor gebruikt is. Het kasteel was een leerlingbouwplaats waar de toekomstige generatie restauratielieden praktijkervaring opdeden. Specialistische workshops (zoals 'Huys & klimaat') en 'restauratieateliers in situ' zorgden voor kennisdeling met de vakwereld. Dit alles heeft geleid tot een stevig maatschappelijk draagvlak, zowel onder de lokale bevolking, op bestuurlijk niveau (gemeentelijk en provinciaal) als in de vakwereld. Bovendien past de aanpak binnen het huidige erfgoedklimaat in Nederland. Met het gedachtegoed van MoMo in het achterhoofd heeft het geleid tot historisch besef en begrip voor de meerwaarde van investeren in cultureel erfgoed. Openheid is er ook in de toekomst. Zo wordt gewerkt aan een continue samenwerking met andere buitenplaatsen binnen Utrecht. Met opleidingen en cursussen, gericht op de instandhouding van cultureel erfgoed, worden partnerships aangegaan. Het succes van de 'restauratieateliers in situ' wordt voortgezet tot een blijvend kenniscentrum voor professionals, opleidingen en particuliere monumentbezitters.
Behoedzaam restaureren
Het van oorsprong 17e eeuwse landgoed is een historisch gegroeid ensemble van Huys, interieur, collectie met vier eeuwen bewonersgeschiedenis van Europese betekenis. Tel daar de open, landschappelijke ligging - aan de Rijn en nabij Amerongen - bij op. Alles is onlosmakelijk met elkaar verbonden. Een uniek voorbeeld van een buitenplaats die tot ver in de 20e eeuw bewoond was. In 1977 kwam het in handen van de Stichting Kasteel Amerongen. 'Uitgangspunt voor het bouwkundig herstel was terughoudend restaureren, waarbij behoud gaat boven vernieuwen. Uitgebreid onderzoek leidde tot keuzes die het gebouw, met zijn museale ruimten en afwerking, respecteren. Bij noodzakelijke herstelwerkzaamheden zijn traditionele materialen en technieken toegepast. Bij uitzondering zijn moderne compromissen toegevoegd', vertelt Jaap Hülsmann. De levensgeschiedenis is na de restauratie afleesbaar. Zo zijn de muren niet glad gestuukt, maar zijn scheuren zo goed mogelijk hersteld en zijn de afdrukken zichtbaar waar schilderijen hingen.
Conservering historisch ensemble
Bij de aanpak van het historisch ensemble is conservering uitgangspunt. Conservering als het behouden van de volledig bewaarde inrichting van het Huys rond 1930. 'Het gaat om preventieve conservering door ondermeer verbetering van het binnenklimaat en het voorkomen van versnel verval. Maar ook om actieve conservering wanneer het object zelf behandeld wordt zoals het verwijderen van stof en schimmel', volgens Nico van der Woude, restauratie adviseur historische binnenruimten. Streven was conservering zoveel mogelijk in situ (aldus binnenshuis) te organiseren. Bepaalde collectieonderdelen zijn toch extern behandeld. Een deel van de schilderijencollectie is 'uit Huys' geplaatst bij het Stichting Restauratie Atelier Limburg (SRAL) in Maastricht en bij de Universiteit van Amsterdam (opleiding Restauratie en Conservering). Op die locaties zijn de condities van het kasteel, waaronder de lichtsituatie, zo goed mogelijk nagebootst. De eindafwerking zal op het kasteel plaatsvinden.
Eigen Huyshouding
Het kasteelleven na restauratie krijgt ook aandacht. Een 'koersboek' is richtinggevend met ondermeer een uitgebreide beschrijving per vertrek van het museale gedeelte. Maar ook een behoud-en beheerplan met per ruimte aangegeven welke werkzaamheden uitgevoerd moeten worden en wanneer. Vroegere onderhoudskennis wordt toegepast. 'Zo weten we, dat sprake was van seizoensgebonden onderhoud. Een groot gedeelte van de collectie werd in de herfst voor de najaarsschoonmaak met lakens afgedekt en de prenten en schilderijen op de buitenmuren werden tijdelijk opgeslagen. In het voorjaar werden de lakens afgenomen en werd alles uitgebreid nagelopen en schoongemaakt. Deze werkwijze zullen we ook toepassen en laten zien aan het publiek', legt Lodewijk Gerretsen, conservator, uit. Er wordt gebruik gemaakt van eigen Huyshoudpersoneel, dat verantwoordelijk is voor het onderhoud van het interieurensemble. Collectieverzorgsters hebben een speciale opleiding gehad. Restauratoren van de verschillende disciplines geven cursussen over preventieve conservering, zoals de jaarlijkse behandeling van kachels door de metaalrestaurator of de reiniging van kroonluchters en glaswerk. Ondersteuning wordt geboden door vele vrijwilligers. Een groep textielvrijwilligers, 'de Engelen van Amerongen', werkt al vanaf de jaren '70 van de vorige eeuw onder begeleiding van een textielrestaurator aan de gordijnen, wandtapijten, lopers.
Met dank aan Jaap Hülsmann, Frank Louhenapessy, Nico van der Woude en Lodewijk Gerretsen.
Meer over Kasteel Amerongen? Zie www.kasteelamerongen.nl. Hier vindt u als lezer van Monumenten een speciaal dossier met meer achtergrondinformatie.
Tekst Jennemie Stoelhorst (Monumenten 1/2-2011)