Boek verschenen over het rampjaar 1672

14 juli 2009

Het is 1672, het zogeheten Rampjaar waarin de Republiek der Verenigde Provinciën bijna ten onder ging. Amerongen is door de Fransen leeggeplunderd en uitgemoord, het kasteel gaat in rook op. Luc Panhuysen gebruikte de briefwisseling tussen de gevluchte bewoners van het kasteel uit die gruwelijke oorlogsjaren voor zijn nieuwe boek ‘Rampjaar 1672’. Zijn boekpresentatie over Amerongen vond 3 juni 2009 plaats in een bomvol Koetshuis. ,,De brieven waren prachtig materiaal om die oorlog op een menselijke manier te verwoorden,’’ zegt de historicus, die als journalist in zijn historische publicaties duidelijk wil maken dat elke geschiedenis door mensen is gemaakt. Kasteeleigenaar baron Van Reede zat als ambassadeur in Berlijn, zoon Godard van Ginkel vocht als officier mee in de oorlog in het kleine legertje van de Prins van Oranje en zijn moeder Margaretha Turnor was tussen de eindeloze stroom vluchtelingen in Amsterdam terechtgekomen. Ze schreven elkaar veelvuldig en volgens Panhuysen zijn er uit die tijd nauwelijks fatsoenlijke briefwisselingen teruggevonden.,,Vader en zoon waren hoog opgeleid en diplomatiek genoeg om ook naar elkaar keurige brieven te schrijven, maar Margaretha zette gewoon haar emoties op papier. Ze schreef de ellende van zich af.’’"

De Amerongers zullen in het boek buiten de kerk weinig herkenningspunten vinden in het huidige dorp, maar volgens Panhuysen vertelt het wel een gruwelijke geschiedenis over hun eigen dorp. ,,Waar die mensen nu wonen was het in en om 1672 één doffe ellende van platgebrande huizen, een uitgemoorde bevolking en geplunderde boerderijen.’’ Margaretha was zeer begaan met de dorpsbewoners en schrijft over boeren die door de Fransen worden mishandeld. Opvallend is dat zij ook veel oog heeft voor mishandeling en verkrachtingen van vrouwen. Margaretha vertelt met name over het door angst verlamde Holland. Diplomatieke ontwikkelingen zijn mee te lezen via de vader en het geweld wordt beschreven door de zoon. Ook wordt het einde van de oorlog omschreven. Het verwoeste kasteel Amerongen werd door de familie van Reede weer opgebouwd. Toepasselijk vertelt Panhuysen aan het einde van zijn boek over de feniks die Margaretha in een gang op het plafond laat schilderen met de woorden: perit ut vivat- ‘hij gaat onder om te leven’. Het is het mythische fabeldier dat zijn dood overwint door op te staan uit zijn eigen as. Met ‘Rampjaar 1672’ maakt een rasechte verhalenverteller het kasteelverhaal van Amerongen levend.

Het boek is te koop in de Kasteelwinkel.

Boek over rampjaar
Amerongse briefwisseling juweel voor boek
Kasteel Amerongen